Erasmus Universiteit onderzoekt schaduwzijde nieuwe arbeidsmigranten Den Haag
Hoewel het met de meeste arbeidsmigranten uit Midden- en Oost-Europa relatief goed, is er ook een categorie die problemen veroorzaakt. De Erasmus Universiteit Rotterdam brengt deze groep arbeidsmigranten in kaart in het rapport ‘De schaduwzijden van de nieuwe arbeidsmigratie’. Op basis van de problemen met MOE-landers in Den Haag is een aantal beleidssuggesties opgesteld.
Problematiek nieuwe arbeidsmigranten in kaart gebracht
Het onderzoek over de schaduwzijden van nieuwe arbeidsmigratie baseert zich op drie aspecten van de problematiek: overlast en criminaliteit, problemen van dakloze MOE-landers (Midden- en Oost-Europeanen) en problemen op straten en in wijken. Per punt worden de belangrijkste problemen beschreven. Zo vindt overlast vooral plaats op tijden wanneer er te veel gedronken wordt. Volgens de onderzoekers markeert drank de overgang van werktijd naar vrije tijd en behoort het tot de masculiene drankcultuur van Poolse arbeiders. Een ander voorbeeld is de relatie tussen de beperkte toegang tot Haagse daklozenvoorzieningen en overlast voor de omwonenden. Dakloze MOE-landers overnachten vervolgens vaak in de openbare ruimte.
Onderzoek naar problematiek nieuwe arbeidsmigranten formuleert beleidssuggesties
De onderzoekers doen onder andere de volgende beleidssuggesties:
- De gemeente Den Haag moet kennis over nieuwe arbeidsmigranten vergroten. Dit kan de gemeente doen door contact te leggen met instanties die te maken hebben met MOE-landers, zoals Poolse kerken en uitzendbureaus. Poolse werknemers kunnen een intermediaire rol spelen tussen gemeente of maatschappelijke instanties en arbeiders.
- Behuizing voor arbeidsmigranten gaat veelal via de particuliere woningmarkt. Daar gaan vaak problemen als slechte woonomstandigheden voor te hoge prijzen en overbewoning mee gepaard. De gemeente dient samenwerking met werkgevers, uitzendbureaus en woningbouwcorporaties te initiëren, om te voorkomen dat arbeidsmigranten op straat komen te staan.
- Opvang van dakloze MOE-landers moet vooral gericht zijn op korte opvang in acute noodsituaties. Het einddoel moet altijd terugkeer naar normale huisvesting en werk of vrijwillige terugkeer naar het herkomstland zijn.
- De overheid moet een realistisch beeld uitdragen van de MOE-landers. De grootste groep arbeidsmigranten levert een bijdrage aan de economie en arbeidsmarkt. Er zijn weliswaar problemen, maar de omvang is relatief beperkt.
Meer informatie
De volledige beschrijving van de problemen en overige
beleidssuggesties zijn te vinden in het hiernaast te downloaden
rapport ‘De schaduwzijden van de nieuwe arbeidsmigratie’. De
Erasmus Universiteit Rotterdam publiceerde eerder een aantal
onderzoeken naar arbeidsmigratie van MOE-landers, onder andere in
samenwerking met Nicis Institute.
Bron:
Erasmus Universiteit Rotterdam
Referentiemateriaal
-
Rapport | De schaduwzijden van de nieuwe arbeidsmigratie
23 jan 2012, pdf, 346KB
-
Rapport | Arbeidsmigratie in vieren. Bulgaren en Roemenen vergeleken met Polen
23 jan 2012, pdf, 4MB
-
Rapport | Arbeidsmigranten uit Polen, Roemenië en Bulgarije in Den Haag
23 jan 2012, pdf, 324KB