Direct naar Hoofdmenu / Zoekveld

Achtergrond

Op dit moment woont ongeveer 50 procent van de wereldbevolking in steden, vaak in kwetsbare delta's. De Verenigde Naties voorspellen dat in 2050 zo'n 70 procent van de (sterk gegroeide) wereldbevolking in stedelijke gebieden woont. Dit brengt uitdagingen met zich mee, onder meer op de terreinen waterveiligheid, congestie, ruimtelijke samenhang en bestuurbaarheid.

Welke kansen en mogelijkheden heeft groot peloton steden dat global cities-kopgroep volgt?

Hoewel aard en achtergrond van de problemen kunnen verschillen, zijn de uitdagingen vergelijkbaar. De voortgaande informatisering, globalisering en het toenemende belang van kennis leiden tot een verdere concentratie van economische activiteiten op een beperkt aantal stedelijke locaties, in zogenaamde global cities. De rest van de wereld wordt in figuurlijke zin meer en meer een vlakte. Iedereen wil juist wonen, werken, verblijven en functioneren op deze stedelijke locaties. Of in milieus van waaruit deze locaties bereikbaar zijn. Daardoor ontstaan binnen regio's en landen ook toenemende verschillen, en zijn er steden die uit de gratie raken.
Er ontstaat meer en meer een kleine kopgroep en een groot peloton met steden die op elkaar lijken en elkaar kopiëren. Dit leidt tot beleids- en kennisvragen voor alle betrokken steden. Voor de global cities lijkt het pad duidelijk, maar waar liggen de kansen en mogelijkheden voor de minder fortuinlijke steden?

Schaarse ruimte in Nederland vraagt om daadkrachtig ruimtelijk beleid

In Nederland bieden de laagst gelegen delen van de delta’s van de Rijn en de Maas plaats aan de meeste inwoners en aan het zwaartepunt van de economie. Leefbaarheid, bedrijvigheid, mobiliteit, veiligheid en biodiversiteit zullen ook in Nederland, en met name in de Randstad, strijden om steeds schaarser wordende ruimte. De veranderingen zullen steeds sneller gaan. Dit alles betekent dat het ruimtelijk beleid de komende jaren daadkrachtiger moet worden en dat er hogere eisen zullen worden gesteld aan integrale afwegingskaders.

Tijdelijkheid van ruimtelijke inrichting heeft gevolgen voor gebiedsontwikkeling

Het betekent ook dat het ruimtelijk beleid meer rekening zal moeten houden met de tijdelijkheid van ruimtelijke inrichting. Waar vroeger ruimte voor een eeuw werd verdeeld en ingericht, zal dat in de toekomst soms voor hooguit decennia kunnen gebeuren. Dat heeft grote gevolgen voor gebiedsontwikkeling en infrastructurele investeringen.

Verbinden van Duurzame Steden

In een aantal sectoren (water en mobiliteit) heeft Nederland een vooraanstaande positie in de kenniswereld op het terrein van stedelijke delta's. De Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO) beoogt met met het programma Verbinden van Duurzame Steden (VerDuS) een volgende stap te maken. VerDuS wil:
  • de ontwikkelde kennis met elkaar in verband brengen;
  • lacunes opvullen;
  • kennis toepassen in integrale gebiedsontwikkeling;
  • aansluiting zoeken tussen problemen op verschillende schaalniveaus.

 

 


15 jun 2011


Zoeken in de website: